God sluit niemand uit

Kananese vrouw

Marc Massaer

Broeders en zusters in Christus,

Verbinding zoeken met anderen: je hoort dit in de politiek, het bedrijfsleven, de samenleving en in kerkelijke kringen. Toen Jezus zijn openbaar leven begon, zocht hij in de eerste plaats verbinding met het Joodse volk, omdat die een hele geschiedenis hebben mee-gemaakt met God en zij het woord van God kennen. Jezus verwacht meer openheid voor zijn blijde boodschap bij de Joden en daarom verkondigt Hij eerst het Koninkrijk van God bij de Joden en daarna aan alle volkeren.

In de eerste lezing horen wij bij Jesaja dat Gods heil niet alleen bestemd is voor het volk van Israël. Ook de vreemdeling die zich aan de Heer toevertrouwt, wordt door God aangenomen.

En dat wordt heel concreet in het Evangelie. De Kanaänitische vrouw is een buitenstaander. Zij behoort niet tot het volk van Israël. Toch komt zij naar Jezus met een eenvoudig gebed: ‘Heer, help mij!’ Jezus lijkt haar eerst niet te horen. Hij zwijgt. Dat is misschien wel een van de moeilijkste ervaringen van het geloof: God lijkt te zwijgen wanneer wij bidden. Toch geeft deze vrouw niet op. Zij blijft vertrouwen. En uiteinde-lijk zegt Jezus: ‘Vrouw, groot is uw geloof!’ Daarmee laat Jezus zien wie God werkelijk is: een God die nie-mand uitsluit en die zich over alle mensen wil ontfermen.
Dat is belangrijk voor ons. Want soms denken wij dat God vooral voor de ‘goede gelovigen’ is. Maar Gods barmhartigheid is veel groter.
Ook degene die is afgedwaald.
Ook degene die nauwelijks meer bidt.
Ook degene die teleurgesteld is in de Kerk.
Ook degene die misschien zegt: ‘Ik weet niet eens of ik nog geloof.’
God blijft naar die mens uitzien.

De Kananese vrouw krijgt van Jezus pas de genade van de genezing van haar dochter als ze volhardt. Het blijft opmerkelijk dat Jezus eerst terughoudend is en niet meteen ingaat op de vraag van de vrouw. Daar-mee wil Hij duidelijk maken dat Hij niet zo maar door opportunistische mensen benaderd wil worden. God is met andere woorden geen Sinterklaas of een brandweerman die snel brandjes komt blussen. Jezus wil dat mensen niet alleen naar hem toe komen als ze in nood zijn, maar dat de mensen een persoonlijke band met Hem opbouwen en daarom stelt hij het geloof van deze vrouw op de proef: Hij wil zien of ze wel echt gelooft. Het is niet goed het brood van de kindjes te nemen en het voor de honden te gooien. Maar de vrouw is volhardend in haar geloof. Jezus merkt dit op en daarom verhoort Hij haar gebed.
God openbaart zich als een liefdevolle en barmhartige God aan mensen die ervoor openstaan en die met het geloof en zijn boodschap ook iets doen. Alleen maar aan God denken als je in nood bent, en Hem dan vergeten, wat is dat voor een geloof? God wil dat wij Hem bij vreugde en verdriet in ons leven betrekken.

Volharden in het geloof is de actuele boodschap van deze zondag en voor onze tijd.
Denk aan een moeder die jarenlang bidt voor een kind dat het geloof heeft verlaten. Zij kan haar kind niet dwingen. Zij kan alleen blijven liefhebben en blijven bidden: ‘Heer, ontferm U over mijn kind.’
Denk aan iemand die ziek is en blijft bidden, ook wanneer er geen genezing komt: ‘Heer, genees mij als het Uw wil is; maar blijf vooral bij mij.’
Dat is geloof. Niet alles begrijpen, maar God niet loslaten.
De heilige Monica is daarvan een prachtig voorbeeld. Jarenlang bad zij voor haar zoon Augustinus. Zij zag lange tijd geen verandering. Toch bleef zij vertrouwen. Haar volhardende gebed werd uiteindelijk een weg waarlangs Gods genade kon werken.
Ook wij mogen mensen niet te snel opgeven. Misschien kennen wij iemand die ver van God is geraakt. Misschien iemand die boos is op de Kerk. Misschien iemand die door het leven gekwetst is. Wij mogen blijven geloven dat Gods barmhartigheid groter is dan onze menselijke grenzen. God ontfermt zich over allen. Paulus zegt vandaag: ‘God heeft allen in hun ongehoorzaamheid opgesloten om zich over allen te ontfermen.’

Dat is misschien wel de kern van deze zondag. God kijkt niet naar mensen zoals wij soms naar elkaar kijken. Wij maken onderscheid: die hoort erbij, die niet; die is goed, die is fout; die verdient het wel, die verdient het niet. Maar God ziet ieder mens als iemand die Hij wil redden.
Daarom mogen ook wij barmhartiger worden. Niet iedereen hoeft eerst perfect te zijn voordat wij hem of haar welkom heten. Niet iedereen hoeft eerst weer te geloven voordat wij voor hem of haar bidden. De Kerk moet juist een plaats zijn waar een mens opnieuw kan ontdekken: ‘God heeft mij niet opgegeven.’

Broeders en zusters,
Misschien is dat vandaag precies wat iemand nodig heeft. Niet een oordeel. Niet een uitleg. Maar iemand die zegt: ‘Ik blijf voor je bidden. Ik geef je niet op.’ Dat is het geloof van de Kanaänitische vrouw. Dat is het geloof van Monica. En dat is uiteindelijk het hart van het Evangelie: God geeft geen mens op.
Moge ook ons geloof zo worden: volhardend in het gebed, ruimhartig tegenover ieder mens en steeds vertrouwend op de barmhartigheid van God.
En wanneer wij zelf eens het gevoel hebben dat God zwijgt, laten wij dan blijven zeggen: ‘Heer, ontferm U over mij.’ Want Zijn barmhartigheid is groter dan onze twijfel, groter dan onze zonde en groter dan onze afstand tot Hem. God ontfermt zich over allen.

Laten wij onze harten openen voor de genade die wij van God mogen ontvangen in deze H. Eucharistie, opdat wij mogen groeien in barmhartigheid. Amen.