Eucharistie, tot heiliging van mensen en vergeving van zonden
Marc Massaer
Broeders en zusters in Christus,
Op Sacramentsdag vieren wij het grootste geschenk dat Christus aan zijn Kerk heeft nagelaten: de heilige Eucharistie. In het evangelie van vandaag zegt Jezus: "Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neer-gedaald. Als iemand van dit brood eet, zal hij leven in eeuwig-heid."
Met deze woorden openbaart Jezus waarom Hij naar de wereld is gekomen. Hij wil ons niet alleen onderrichten, niet alleen een voor-beeld geven, maar ons deelgenoot maken van zijn eigen goddelijk leven. De Eucharistie is daarom gegeven tot heiliging van de mensen en tot vergeving van de zonden.
Wij mensen zijn geschapen voor heiligheid. Toch ervaren wij dagelijks onze zwakheid. Wij dragen onze fouten, tekortkomingen en zonden met ons mee. Vaak proberen wij zelf onze lasten te dragen, maar Christus weet dat wij zijn genade nodig hebben. Daarom schenkt Hij zichzelf in de Eucharistie. Wanneer wij waardig de heilige Communie ontvangen, groeit zijn leven in ons. Zoals voedsel het lichaam versterkt, zo versterkt de Eucharistie de ziel. Zij zuivert ons van dagelijkse tekortkomingen, geneest de wonden van de zonde en helpt ons sterker weerstand te bieden aan het kwaad. Daarom noemen de heiligen de Eucharistie vaak "het geneesmiddel van de onsterfelijkheid".
Dat was ook de diepe overtuiging van de heilige Norbertus van Xanten. Hij leefde in een tijd waarin sommigen de werkelijke aanwezigheid van Christus in de Eucharistie ontkenden. Norbertus begreep dat het hier niet ging om een klein theologisch verschil maar om het hart van het geloof. Want als Christus werkelijk aanwezig is, dan ontmoeten wij in de Eucharistie de levende Heer zelf, de Verlosser, die zijn leven gaf voor de vergeving van onze zonden.
Norbertus verkondigde met grote overtuiging dat het altaar de plaats is waar de hemel de aarde raakt. Daar komt Christus naar ons toe om ons te heiligen. Daar wordt de vrucht van zijn kruisoffer aan ons geschonken. Daarom vernieuwde hij het kerkelijk leven door de liefde voor de Eucharistie centraal te stellen.
In iedere Mis horen wij de woorden over de kelk: "Dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond; dit is mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten tot vergeving van de zonden." De Eucharistie is dus onlosmakelijk verbonden met de vergeving. Natuurlijk vervangt de Communie niet het sacrament van boete en verzoening, wanneer er sprake is van ernstige zonde. Maar zij versterkt ons wel in de strijd tegen de zonde en verdiept de gemeenschap met Christus die ons heeft verlost.
Jezus zegt vandaag: "Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem." Dat is de heiliging waartoe wij geroepen zijn. Niet een heiligheid die wij zelf tot stand brengen, maar een heiligheid die groeit doordat Christus in ons leeft. De heilige mensen van de Kerk waren niet in de eerste plaats sterke mensen, maar mensen die zich door Christus lieten voeden.
Sacramentsdag nodigt ons daarom uit opnieuw met geloof naar het altaar te komen. Hier ontvangen wij geen symbool maar de levende Heer. Hier schenkt Hij ons zijn genade. Hier voedt Hij ons met het brood van eeuwig leven. Hier werkt Hij aan onze heiliging en bereidt Hij ons voor op het eeuwige leven.
Mogen wij daarom samen met de heilige Norbertus bidden om een groter geloof in de Eucharistie, een diepere liefde voor de heilige Mis en een vuriger verlangen naar heiligheid. Want wie Christus ontvangt, ontvangt de Bron van alle heiligheid. Wie Christus ontvangt, ontvangt de Verlosser van de wereld. Wie Christus ontvangt, ontvangt reeds een voorsmaak van het eeuwige leven.
Amen.
