Een kerk is een gebouw maar ook een geloofsgemeenschap
Marc Massaer
Broeders en zusters in Christus,
Als wij vandaag het feest van de inwijding van de basiliek van Sint-Jan van Lateranen vieren, dat is dit om onze verbondenheid te tonen met de paus en de kerk van Rome. De basiliek van St.-Jan van Late-ranen wordt de Moederkerk der kerken en de zetel van de bisschop van Rome genoemd.
De basiliek is een van de zeven pelgrimskerken van Rome en de oud-ste en in kerkelijke rang voornaamste van de vier pauselijke basilieken daar. Keizer Constantijn de Grote stichtte de basiliek ter gelegenheid van het Edict van Milaan in 313, dat godsdienstvrijheid afkondigde in het gehele Romeinse Rijk. In de eerste eeuwen kwamen de christenen vanwege hevige vervolging samen in huiskerken. Met het Edict van Milaan kwam er meer vrijheid voor het christendom en mochten er grotere kerken gebouwd worden. Op 9 november 324 werd de basiliek van Sint-Jan van Lateranen inge-wijd en dat betekende een vernieuwing van de samenleving en het leven van de mensen, omdat het chris-tendom werd gezien als een godsdienst die een wezenlijke bijdrage levert aan de verbetering van het leven van armen en minder-bedeelden. Tot 1378, het begin van het Westers Schisma, vierden de pausen hier de heilige liturgie. Met het Westers Schisma kwam er een crisis in de kerk en verhuisden de pausen voor een tijdje naar Avignon in Frankrijk. Toen ze in Rome terug waren, werd de St.-Pietersbasiliek gelei-delijk aan meer het centrum van de kerk. Daar werden steeds meer de Pontificale H. Missen gevierd. In de kerk van St.-Jan van Lateranen staan twaalf grote beelden van de apostelen, teken dat de kerk is gebouwd op het geloof van de apostelen. En de apostelen hebben hun geloof gebouwd op Jezus Christus, die de hoeksteen van de kerk is.
Waartoe nodigt het feest van Sint-Jan van Lateranen ons nog meer toe uit ? Het feest van vandaag is aan-leiding om na te denken over hoe wij kerk-zijn in deze tijd. We hebben enerzijds gebouwen nodig om God te loven, te eren en te danken en liturgie te vieren. Het evangelie maakt ons duidelijk dat de tempel of de kerk niet bestemd is om handel te drijven of theatervoorstellingen te houden.
Daarnaast maakt de apostel Paulus ons duidelijk dat kerk-zijn ook betekent lid zijn van een geloofsge-meenschap en daarin actief meewerken om die door dienstbaarheid op te bouwen. Geloven vraagt regel-maat en ook concrete inzet voor de geloofsgemeenschap: er zijn voor elkaar. Het geloof kun je niet alleen beleven; je hebt Jezus Christus en andere mensen nodig. Dankzij Jezus is er een radicale vernieuwing gekomen in de beleving van het geloof. Jezus spreekt in het Johannesevangelie over stromen van levend water die uit het binnenste, uit het hart van de mens zullen vloeien. Hiermee doelt Jezus op de H. Geest, die mensen zullen ontvangen als ze in Hem geloven. En wat doet die H. Geest dan? Die geeft mensen een nieuw leven, hoop voor de toekomst en leert ons anders in het leven staan. In de eerste lezing hoorden wij dat uit de Joodse tempel, waar mensen God konden ontmoeten, levend water stroomde. Voortaan hebben we de tempel niet meer nodig want Jezus is de nieuwe tempel waardoor mensen in contact komen met God en Gods aanwezigheid mogen ervaren. In feite is Jezus het fundament van de nieuwe, geestelijke tempel waartoe wij behoren. Wij zijn allemaal geroepen om levende stenen in de kerk te zijn en de kerk mee te helpen opbouwen, waartoe de apostel Paulus ons oproept in de tweede lezing. Ons lichaam is de tempel van de H. Geest. God wil in ons wonen.
Nu is het vaak zo, dat wij onze ziel volstoppen met dingen die daar niet thuishoren en ons verre van God houden. Allerlei verslavingen en eigengereidheid maken ons tot zondaars. Daarmee doen we de deuren van onze innerlijke tempel op slot en maken we de ramen van ons tempeltje vuil. Door die dichte deuren kan God niet meer bij ons binnenlopen en door die vuile ramen kan zijn licht niet meer bij ons naar binnen schijnen. Zoals Jezus in het evangelie de tempel reinigt, zo is het ook bij ons op zijn tijd nodig dat wij door Jezus een reiniging van onze ziel ondergaan. Want zo kunnen we alleen maar helder zien wat het betekent om het christelijke geloof volgens Gods wil te beleven. Het jubeljaar nodigt ons uit werk te maken van die reiniging van onze ziel door het ontvangen van het sacrament van boete en verzoening.
Een kerk is toegewijd aan God en daarom is het goed te beseffen dat wij als christenen door het doopsel ook zijn toegewijd aan God. Hoe kunnen wij die toewijding goed beleven? Wij moeten zijn als een levende tempel van God en samen met anderen op Hem gericht zijn om zo genade te ontvangen en Zijn zegen te delen met elkaar. Het mooie van het geloof is dit met elkaar delen en vertellen over God, die ons heeft geholpen in onze noden, om zo elkaar te inspireren en te bemoedigen. Bidden voor elkaar om troost, kracht en inzicht in het geloof hoort ook wezenlijk bij kerk-zijn. Kerkwijding is meer dan het gebouw toewijden, het betekent je als gemeenschap toewijden aan God door ons dagelijks leven, onze gebeden en onze vieringen.
Moge de H. Geest het vuur van de liefde en het geloof in ons aanwakkeren, opdat onze kerk vernieuwd mag worden en er meer vrede, vreugde en eenheid mag heersen.
